Aan de goede huisvader

Wouter Hillaert

foto (c) Katja Pire

Aan de goede huisvader die niet wil bemoederen

Opinie verschenen op demorgen.be op 4 juni 2015

Lokale autonomie lijkt voor de Vlaamse regering veeleer een heilig doel dan een handig middel. Dat leert haar snelkookplan om in één keer zeven decreten rond lokaal beleid af te voeren. Gemeenten moeten gewoon zelf kunnen kiezen wat ze doen en laten, heet het. Intussen worden fundamentele discussies niet gevoerd. Een echte betrokken democratie vereist meer samenwerking en een verfijnd denken over ‘het lokale’. Voor de toekomst is ‘nabijheid’ een veel interessanter principe.

Sommige ideeën zijn sneller neergeschreven in een regeerakkoord dan dat ze doordacht en doorgedacht zijn met en voor het terrein. Zo is er de keuze om met één pennentrek de decreten lokaal jeugdbeleid, lokaal cultuurbeleid en lokaal sportbeleid te schrappen. Ook de Vlaamse impulssubsidies voor lokale integratie, ontwikkelingssamenwerking, aanvullend onderwijsbeleid en bestrijding van kinderarmoede worden losgelaten. Te veel regelneverij. Te veel papierdoenerij. Te veel betutteling van bovenuit. Op zich geen onzinnige argumenten.

Dit is het voorstel dat de regering deze maand door het parlement wil jassen: in totaal 130 miljoen aan gerichte Vlaamse subsidies wordt – na afname van 5% – netjes in 308 partjes verdeeld, en via het Gemeentefonds aan de gemeenten doorgestort. Zij kunnen die middelen al vanaf 2016 besteden naar eigen goeddunken. Voor hun oplopende pensioenlasten in plaats van voor de toekomstgerichte versterking van hun bibliotheekfilialen? Voor de vernieuwing van hun winkelstraat in plaats van voor een laagdrempelig cultuuraanbod of de emancipatie van kwetsbare jongeren? Het kan binnenkort allemaal. Gemeentebesturen hebben per definitie een beter zicht op de lokale noden, is de overtuiging. Er komt meer ruimte voor maatwerk. Op zich geen onzinnige argumenten.

Hallo goed bestuur?

Alleen zijn er vele redenen om voor deze versnelde interne staatshervorming meer tijd te nemen en de discussies te voeren die écht van belang zijn. De huidige decreten lokaal jeugd-, cultuur- en sportbeleid zijn twee jaar geleden pas hervormd, en de effecten ervan zijn nog helemaal niet geëvalueerd. Er is geen overleg over gepleegd met de betrokken sectoren, laat staan enig onderzoek gebeurd naar de mogelijke impact of het wenselijke doel. Dit is snelkoken zonder recept, tegen de scepsis van vele praktijkwerkers en adviesraden in. Deze regering profileert zich graag als een goede huisvader, maar wil niet bemoederen. In dit dossier blijkt dat een gevaarlijke spreidstand.

De keuze voor meer gemeentelijke autonomie gebeurt immers niet in een stralend vacuüm. In combinatie met de lastige financiële papieren van vele gemeenten is verdere investering in jeugdhuizen, naschoolse opvang of noord-zuid-initiatieven lang niet overal gegarandeerd. Nu al zijn er bij cultuurcentra en bibliotheken vele signalen van afbouwscenario’s en ingesnoerde budgetten. Vlaanderen laat ze los. Het schikt zijn eigen begroting op orde door de verantwoordelijkheid om te besparen naar de gemeenten af te schuiven. Hallo goed bestuur?

Niemand is al klaar voor deze demarrage in de interne staatshervorming. Niet de vele kleinere gemeenten, want zij missen bestuurskracht voor nog meer taken en verantwoordelijkheden. Niet de betrokken middenveldactoren, want zij krijgen niet de kans om constructief mee te denken. En zelfs niet de Vlaamse regering zelf. Terwijl diverse vakministers oplossingen beloven voor bovenlokale knopen, zoals de spreiding van kunst in cultuurcentra, geven ze al hun instrumenten daartoe uit handen. Naar verluidt zou nu worden nagedacht over een meer regionale aansturing vanuit Vlaanderen. Iets in de lijn van provincies, maar dan zonder provincies. Is dat een doordachte keuze in het belang van de inwoners in Vlaanderen? Of toch gewoon een pure besparingsoperatie?

Van lokaal naar nabij

Zeker, de lokale omgeving biedt nieuwe kansen. Maar om daar ooit het beste te oogsten, is een langere rijptijd nodig. Gebruik de interne staatshervorming als een mooie gelegenheid om het Vlaams impulsbeleid rond het lokale opnieuw uit te vinden, in plaats van het simpelweg te begraven. Wend dit momentum aan om de lokale én de bovenlokale democratie te versterken, zoals in het regeerakkoord staat. Bevorder lokale samenwerking tussen verkokerde domeinen. Denk niet alleen ‘efficiëntie’, maar ook ‘transitie’. Mét het middenveld, niet ten koste van. Naast lokale besturen verdient ook het middenveld vertrouwen.

Daarvoor is het nodig om ‘lokaal’ breder te definiëren. Zijn gemeenten wel de aangewezen schaal en het beste financieringsniveau voor allerlei voorzieningen in de omgeving van burgers? Veel belangrijker dan ‘lokaal’ is het principe ‘nabij’: toegankelijk, bereikbaar, betrokken, beschikbaar, betaalbaar. Vanuit dat idee kan je in breed overleg een gamma samenstellen van sociale en culturele basisrechten: wat willen we dat in de nabije omgeving van alle burgers hoe dan ook voorzien is, voorbij het bestuurlijke toeval of de grillen van de markt? Wat in de wijk? Wat voor gemeenten van 10.000 inwoners? Wat binnen vijf of tien kilometer? Niet alles hoeft in elke gemeente. Wat wel moet, is dat elke inwoner een garantie heeft op nabije basisvoorzieningen als naschoolse opvang, kunst en cultuur, professionele begeleiding voor kwetsbare kinderen. En zo’n gamma organiseer je niet noodzakelijk het beste op de huidige gemeentelijke schaal. Wat zien we vandaag? Als drie burgemeesters niet tot een akkoord komen over het gedeeld beheer van één hoofdbibliotheek, gaat het basisrecht op informatie mank lopen.

Als directe democratie en meer betrokken participatie het doel is, zou je nog verder kunnen gaan. Eén spontaan voorbeeldje, van vele mogelijke: waarom niet nadenken over bovenlokale burgerparlementen die zelf bepaalde subsidies verdelen, in strijd tegen verkokering en soms vastgeroeste subsidieafspraken? Zo kunnen de plannen van socio-culturele organisaties en cultuurcentra, jeugdraden en armoedeverenigingen nog meer draagvlak krijgen in hun omgeving. Zo stimuleer je dynamiek. Daar moet verder over doorgepraat worden.

Verrijk de directe omgeving van Vlamingen als een proeftuin voor experiment, voor kleine revoluties, voor nieuwe verbindingen. Kansen zijn er genoeg. Aan de Vlaamse regering om ze te grijpen. En in overleg te bekijken hoe je die optimaal en efficiënt in nieuwe beleidskaders giet. Traag koken is beter koken.

Wouter Hillaert is woordvoerder voor de burgerbeweging Hart boven Hard.