Campagne Artikel 23: Opinie ongelijkheid

Deze tekst verscheen op 28 oktober 2018 in de opiniepagina’s van DeMorgen (klik hier)

– Hart boven Hard en tien armoede-experts willen meer actie zien tegen de groeiende ongelijkheid –

De splitsing van België is nabij

We leven in België steeds meer in twee landen. Niet zozeer ten noorden en ten zuiden van de taalgrens, maar boven en onder de armoedegrens. Het is een splijtzwam die dit land veel dieper dreigt te splitsen dan de communautaire kwestie. Beste nieuwe burgemeesters, beste federale regering: neem uw verantwoordelijkheid.

De voorbije weken kwamen zowel ongelijkheid als armoede prominent in het nieuws. Op 8 oktober presenteerde Oxfam haar ongelijkheidsindex, waarin België op de zesde plaats van de wereld prijkt. ‘België bijna kampioen ‘ongelijkheid bestrijden’’, kopte De Standaard. Nog geen week later kwamen armoedeorganisaties op straat om aandacht te vragen voor de 1,8 miljoen mensen in België die nog steeds in armoede leven. Van de wereldtitel armoedebestrijding is dus nog lang geen sprake.

Bijna lijkt het alsof er twee Belgiës bestaan. Het België van de mensen van stand boert goed. De dividenden stijgen, het aantal miljonairs stijgt, hun vermogen stijgt. Opeenvolgende pogingen om die vermogenswinst ook maar een beetje te herverdelen hebben amper iets opgeleverd. De kaaimantaks haalt slechts kruimels op van het gebakken broodje van de aandeelhouders in dit land.

In het andere België leeft één op de zes Belgen in armoede. Drie miljoen inwoners zijn niet in staat een week vakantie te betalen, één op de vier mensen met een handicap leeft in armoede en 157.000 mensen zijn afhankelijk van de voedselbank – een verdubbeling sinds 2000. Hallucinante cijfers.

 

Rood knipperlicht

De kloof tussen de rijkste rijken en het gros van de bevolking gaapt: de rijkste 1% bezit al evenveel als de onderste 60% van de bevolking. Dat die ongelijkheid in internationaal perspectief nog meevalt, is voor die 1,8 miljoen mensen in armoede slechts een heel schrale troost. Ze zijn niet alleen financieel kwetsbaar, maar zien ook hun gezondheid en zelfs hun levensduur gefnuikt.

Vooral in onze centrumsteden is de situatie alarmerend. In Antwerpen eindigde de kinderarmoede het afgelopen jaar alweer hoger: vandaag groeit maar liefst 17,5% van de peuters op in omstandigheden waartoe niemand zijn eigen kinderen wil veroordelen. In Oostende steeg de armoede sinds 2012 van 26,7% naar 34%.

Voor een rijke samenleving als België is dat een rood knipperlicht. Zeker als de plek waar je geboren wordt, bijna perfect je verdere ontwikkelingskansen voorspelt, mede omdat ons onderwijssysteem dat onevenwicht eerder nog versterkt dan remedieert. De latere sociale factuur van die ongelijkheid valt vele malen hoger uit dan wat het kost om alle kinderen de kansen te bieden waar ze recht op hebben.

 

Pak de olifant

Beste regering Michel, toch laat u intussen uitschijnen alsof u iedereen een banket aanbiedt. Dat klopt vooral voor het België van de grote portemonnees – en in mindere mate voor hen die werk gevonden hebben (laat ons eerlijk zijn, mede dankzij een gunstige internationale conjunctuur). In het andere België gooit u voor velen de deur voor de neus dicht. Zelfs van uw regeringsbelofte om de minimumuitkeringen boven de armoedegrens te tillen kwam nog niet veel in huis, terwijl dat maar een eerste stap zou zijn. Referentiebudgetten leren immers dat zelfs een inkomen net boven de armoedegrens niet volstaat voor gezinnen die huren op de private markt. Er zijn dus nog veel meer mensen met geldzorgen dan de cijfers verklappen.

Toch bemoeilijkte u de toegang tot de sociale zekerheid, bijvoorbeeld door besparingen op de uitkeringen voor langdurig zieken en het beperken van de inschakelingsuitkering. Niet toevallig steeg tussen 2014 en 2018 het aantal leefloongerechtigden met 40%. Het armoederisico van werklozen steeg tot 49,1%. De helft van de vrouwen heeft minder dan duizend euro pensioen.

‘Jobs jobs jobs’ is uw antwoord. Maar wat als die voor veel werknemers steeds minder geld in het laatje brengen, onder meer door flexibilisering? Activering lost de ongelijkheid niet op: de jongste tien jaar kwamen er 50.000 à 55.000 ‘werkende armen’ bij en steeg het armoederisico voor werkenden van 3,9% naar 5%.

Maak dus, voor de zeven maanden die u nog resten, eindelijk werk van zeker twee maatregelen om beide Belgiës weer dichter bij elkaar te brengen. Hou uw belofte om alle uitkeringen op te trekken tot boven de armoedegrens. En pak de olifant in de kamer aan: een rechtvaardige herverdeling van de rijkdom, met een progressieve vermogensbelasting en een echte aanpak van fiscale fraude. Hoeveel LuxLeaks en PanamaPapers moeten we nog verteren vóór dat wegstromende geld wordt ingedijkt? Volgens onderzoek varieert het tussen 8 en 36 miljard euro aan verloren belastinginkomsten per jaar.

 

Artikel 23

Beste nieuwe burgemeesters, ook u kan iets doen aan die splitsing van België. Gaat u voor een stad waarin zieken en ouderen zich opgegeven voelen, waarin nieuwkomers wegschimmelen in krotten, waarin egoïsme en hardheid de toon uitmaken? Of kiest u voor een stad waarin niet pech je toekomst bepaalt, maar wel een gezamenlijke keuze voor medemenselijkheid? Echte veiligheid begint bij ieders welbevinden thuis, op school, op het werk.

U had het die zondagavond na de gemeenteraadsverkiezingen allemaal over ‘verbinden’. Nu bent u aan zet om die belofte ook waar te maken. Breng gelijkheid in de praktijk door naast luxeappartementen in het centrum ook echt ambitieus te zijn in sociale woningbouw. Voer praktijktesten in tegen de manifeste discriminatie. Investeer in aanvullende steun bovenop het leefloon. Een splitsende stad is een tikkende tijdbom voor iedereen. Ook voor het eerste België.

Leven in het België van onder de armoedegrens leidt tot sociale uitsluiting op allerlei levensdomeinen: inkomen, werk, onderwijs, wonen, sport en cultuur. Mensen in armoede missen de kansen om aan het maatschappelijk leven deel te nemen. Hoe wankeler dat fundament, hoe dieper de kloof en hoe onzekerder de democratie. Ons land is welvarend genoeg om iedereen vooruit te helpen.

Dit is geen naïeve praat. De ‘goede samenleving’ bouwt op rechten voor iedereen en staat zwart op wit beschreven in Artikel 23 van onze Grondwet: het recht van ieder op een menswaardig bestaan. Van die grondwet hebben we er nog altijd maar één. Geen twee.

 

 

Wouter Hillaert, Hart boven Hard

Aleidis Devillé (Docent Thomas More)

Bérénice Storms (CEBUD, Thomas More & CSB Uantwerpen)

Bernard Hubeau (UAntwerpen)

Heidi Degerickx (UGent)

Ides Nicaise (KULeuven)

Jan Vranken (UAntwerpen)

Michel Vandenbroeck,  FPPW,  Ugent

Sacha Dierckx (Denktank Minerva)

Sara Willems (UGent)

Tess Penne (CSB UAntwerpen)