Samen met de Grieken

Image

 

Open brief

Lees hier de open brief aan de Belgische regering, over de Griekse kwestie.

Samen met de Grieken

Voor Hart boven Hard is de Griekse kwestie een mooi lelijk voorbeeld van hoe menselijke basisrechten helemaal ondergeschikt raken aan kil financieel beleid.

De eurolanden en het IMF pasten recepten toe waarvan door onderzoek van het IMF zelf werd aangetoond dat ze contraproductief en sociaal regressief zijn. Als bij een middeleeuwse aderlating, waarbij bloed werd afgetapt van een zieke patiënt, werd alle zuurstof uit de Griekse economie weggezogen.

Het Griekse ‘reddingsprogramma’ blijkt in de eerste plaats de banken te willen redden, niet de noodlijdende Griekse bevolking. Van de 240 miljard leningen die van de trojka naar Griekenland gingen, ging 11% naar de Griekse overheid, 89% naar schuldeisers, voornamelijk banken. Begin april had het IMF 2,5 miljard winst euro gemaakt op leningen aan Griekenland – de huidige wanbetaling van Griekenland aan het IMF bedraagt 1,6 miljard euro. Winst boven waarde, dus.

Het gevolg van de mislukte reddingsoperaties is dat de Griekse economie nog zwaarder te lijden kreeg. De afgelopen jaren tonen de zware gevolgen van het draconische besparingsbeleid: de economie kromp in tegenstelling tot de absurde IMF-voorspellingen met meer dan 25%, de armoede is gestegen van 27,7% van de bevolking in 2010 tot 36% in 2014, en de werkloosheid nam in diezelfde periode toe van 12,7% tot 26,5%. Bovendien werden de lasten zeer ongelijk verdeeld: de armste en middengroepen werden het ergst geraakt, het aandeel van de werknemers in het nationaal inkomen verminderde, en de ongelijkheid nam nog toe. Nog meer gruwelijke statistieken? De voedselconsumptie daalde met 28,5% en het aantal zelfmoorden steeg met meer dan 35%. Het is duidelijk dat zelfs de meest elementaire basisbehoeften in Griekenland niet meer verzekerd zijn.

Daarom verklaart Hart boven Hard zich solidair met de Griekse bevolking. Griekenland is geen ver-van-ons-bed-show, maar een van de duidelijkste uitkomsten van een besparingsfilosofie die in heel Europa opgang maakt.

Sluit op vrijdag 3 juli om 18u30 aan bij de manifestatie ‘Samen met de Grieken’, als steun voor het nee-kamp in het Griekse referendum van zondag.

Afspraak aan Brussel-Centraal, voor een optocht naar de Beurs, met toespraken.

+++

Meer inzicht in de Griekse kwestie? Lees hier het nawoord van Hugo Franssen bij bij het boek ‘Groeten uit Griekenland’ van VRT-journalist Bruno Tersago:

 

Griekenland: hart boven hard in Europa

In 2002 landt een delegatie van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) in Argentinië, dat op dat moment onder een zware crisis kreunt. De makers van een satirisch tv-programma duwen het opperhoofd van de onderhandelaars een plastieken vampierengebit onder de neus. ‘Gevonden in de nek van onze president’, zegt een journalist met een uitgestreken gezicht, ‘en we dachten dat u het terug zou willen.’ De anekdote waaide binnen in mijn hoofd tijdens het lezen van de postkaart van Bruno Tersago. Het is geen boekje om op een bank in de junizon te doorbladeren. Het is een langgerekte mokerslag die pijn doet en het koudste bloed aan het koken brengt. De manier waarop het Griekse volk wordt uitgezogen wens je je ergste vijand niet toe.

Bruno Tersago noemt Groeten uit Griekenland ‘een beschrijving zonder al te veel interpretatie en zonder brede analyses’. Dat is zo waar als het daar staat, en die aanpak is een bewuste keuze. Voor analyses over Griekenland vanuit het perspectief van de bankiers en de financiële markten hebben we rechtse politicologen, economen en Johan Van Overtveldt. Voor verhalen die de Griekse crisis een gezicht geven is er Bruno Tersago. Wat hij schrijft is nooit uitzonderlijk of moeilijk te begrijpen. Zijn verhalen zijn schetsen van een wereld die fatsoen veracht, arbeid bestraft, gewetenloosheid voedt, bejaarden de straat opjaagt om olijven uit de bomen te kloppen, kinderen met lege magen naar de schoolbanken stuurt en de arbeidsmarkt tot een bloedbad heeft herschapen.

Er is niet veel verbeelding nodig om aan Walter van den Broeck te denken. Groenten uit Balen en Groeten uit Griekenland: zelfs de titels hebben iets van elkaar. Alleen laat Van den Broeck aan het slot van zijn stuk een van zijn hoofdrolspelers een brief aan de koning schrijven. ‘Sire, we stellen het allemaal goed, en ik hoop van u hetzelfde’, noteert Jan Debruycker. ‘Ge moogt erop rekenen, dat ik u in de toekomst niet meer lastig zal vallen met mijn brieven. Als in de toekomst de syndicaten nog eens in slaap vallen, dan zullen de arbeiders en hun vrienden wel weer in actie schieten. Ik heb nu gezien dat we ’t zelf kunnen klaarspelen. Alléén als ’t moet. Zonder hulp van gelijk wie.’ Het is zeer de vraag of beide sagas op dezelfde manier eindigen.

Al een aantal jaren dient Griekenland als een labo: hoever kan je gaan met het krimpen van lonen en pensioenen, het ontwrichten van de arbeidsmarkt en het kapot besparen van de sociale infrastructuur? Wie het boek van Bruno Tersago leest weet: de balans van dat experiment is vernietigend. Het is uitgelekt dat zelfs binnen het IMF verschillende hoge functionarissen grote twijfels hebben over de wurgpolitiek. ‘Het is zeer plausibel dat Griekenland slechter af is na de implementering van ons programma’, verklaarde Pablo Andrés Pereira, de executive director van Argentinië voor het IMF. Bij zijn Braziliaanse collega Paulo Nogueira Batista klinkt dat zo: ‘De risico’s van het programma zijn immens. Het riskeert private financiering door openbare te vervangen. Anders gezegd: het zou niet kunnen gezien worden als “de redding van Griekenland” maar als de redding van de private schuldeisers, voornamelijk Europese banken.’

De Financial Times heeft voor de catastrofe van de Europese spaarpolitiek het beeld gebruikt van de hond die zijn eigen staart najaagt. Omdat die jacht neerkomt op het vruchteloos rondjes draaien, eist de Europese Unie dat de hond nog sneller gaat jagen. De afbouw van lonen, uitkeringen en pensioenen, van de zorg en het onderwijs heeft de koopkracht en binnenlandse vraag vernietigd. Faillissementen en een galopperende werkloosheid waren er het gevolg van. Dat moet stoppen.

Dit naspel begint waar Bruno Tersago eindigt: bij de Griekse verkiezingen van 25 januari 2015. Die dag behaalde Syriza 36,34 van de stemmen. Daarmee heeft het op een haar na de absolute meerderheid in het parlement. De score kon nauwelijks verbazen: de Grieken wilden een regering die de catastrofe een halt toeriep. Eerste minister Alexis Tsipras draagt daarmee niet alleen de hoop van links in eigen land op de schouders, maar in heel Europa. Een zware verantwoordelijk. Tsipras weet dat hij om te slagen maar beter aan twee voorwaarden voldoet.

Allereerst moet zijn nieuwe regering natuurlijk resultaten boeken. Ze moet erin slagen minstens gedeeltelijk waar te maken wat ze in de kiescampagne heeft beloofd. En dat is veel. In de verkiezingsweken verkondigde Alexis Tsipras: ‘We zullen een einde maken aan de economische en sociale waanzin van de Memoranda en van de besparingspolitiek. (…) In eerlijke, maar vastberaden onderhandelingen zullen we, in het belang van het volk, als rode draad de kwijtschelding van een deel van de Griekse schulden eisen. (…) Er zal een onderhandeling plaatsgrijpen. En daar zullen we een overeenkomst sluiten. En het Memorandum zal, samen met de trojka, tot het verleden behoren.’

Daarnaast moet de nieuwe Griekse regering bondgenoten en partners zoeken in Europa omdat haar alternatief ook daar een draagvlak moet vinden, wil ze kans maken op slagen. Ondanks de rampzalige resultaten houdt de Europese Unie immers obstinaat vast aan haar broekriempolitiek; omdat de schuldeisers geen euro verloren willen zien gaan maar vooral omdat Brussel de kiemen van alternatief in Europa wil verdelgen. In een interview vatte Jean-Claude Juncker, de voorzitter van de Europese Commissie, het zo samen: ‘Er is geen democratische keuze buiten de Europese Verdragen.’ Het is een significante uitspraak. Ze voert ons naar het hart van de Europese politiek: asociaal en antidemocratisch. De Unie wil hardnekkig haar besparingspolitiek doorzetten. Daarom gaat de Griekse zaak alle Europeanen aan die op zoek zijn naar een alternatief. Zij die een ander Europa vragen, een kentering voor Europa, een sociaal Europa, dienen samen een tegenstroom op gang te brengen.

Kleine overwinningen

106061_600-586x439Sinds de regeringsvorming einde januari 2015 zijn vier maanden voorbij. Alexis Tsipras is meer dan honderd dagen premier, een tijdsspanne waarin politieke wittebroodsweken gewoonlijk aflopen. Je kunt dan proberen een eerste evaluatie te maken, een balans. Maar die kan alleen maar voorlopig zijn. Voor een solide oordeel is het nog te vroeg.

Toch hééft de nieuwe regering al een aantal kleine overwinningen behaald, zelfs al laat de Europese Unie, ik kom er zo dadelijk op terug, haar weinig ruimte.

Een hulppakket van 200 miljoen euro gaat behoeftige gezinnen maaltijdbons verschaffen en ook gratis elektriciteit en een huurtoelage. Achterstallige belastingbetalers kunnen hun schuld aflossen in tot wel honderd termijnen en zijn dan gedechargeerd.

Het Griekse parlement keurde ook een wet goed om het onderwijs te hervormen. De elitaire ‘protoscholen’ moeten voortaan voor iedereen toegankelijk zijn. Aan universiteiten worden studenten en werknemers weer toegelaten in de raden van bestuur.

Ook tegenover de vluchtelingen toont de regering van Alexis Tsipras zich barmhartig, de ergste opvangkampen zijn gesloten.

Athene is erin geslaagd de hangende kwestie van de herstelbetalingen en de dwangkredieten uit de tijd van de nazi-bezetting van Griekenland weer op de agenda te plaatsen en zet daarmee de Duitse regering onder druk.

Athene heeft ook een Onafhankelijke Belastingraad opdracht gegeven ‘speciale belastingdeals’ moeilijker te maken. Tot voor kort volstond het voor de allerrijkste Grieken immers om bij de Eerste minister te lobbyen om belastingregels in je voordeel te laten wijzigen. De belastingontduiking wordt aangepakt. De fiscale inkomsten liggen hoger dan gebudgetteerd en er is een pril budgettair overschot.

De deuren van de openbare radio en televisie ERT, de zender waarover Bruno Tersago in het laatste deel van het boek zo uitgebreid bericht, zijn weer voorzichtig geopend.

Een paar honderd schoonmaaksters mochten weer aan de slag bij het Ministerie van Financiën. De regering heeft veel ziekenhuispersoneel opnieuw aangeworven.

Bondgenoten in Europa

Bij de opening van zijn kiescampagne op 5 januari 2015 zag Alexis Tsipras het succes van Syriza als een opmaat voor een Europese verschuiving naar links. ‘De broodnodige kentering in Europa heeft hier, in Griekenland, zijn begin. Onze kiesoverwinning wordt op het einde van het jaar ook een overwinning van het Spaanse volk. Met Podemos en Verenigd Links in de regering. En volgend jaar wordt ze een overwinning van het Ierse volk. Met de Sinn Fein van Gerry Adams.’

Het is zo waar als iets dat de ‘broodnodige kentering’ waarover Tsipras hier spreekt er maar kan komen – in Griekenland maar ook in Europa – als de Grieken erin slagen in het continent bondgenoten te winnen. En welke bondgenoten? De Europese Unie plaats Griekenland voor de keuze tussen de pest en de cholera: in de eurogroep blijven maar dan wel de Memoranda en alle Verdragen die de besparingspolitiek betonneren, accepteren, zoniet volgt de Grexit en dan riskeert Griekenland een lange periode van moeilijkheden en van een diepe val. Voor dat dilemma kun je als ‘oplossing’ naar voor schuiven: om de broekriempolitiek te stoppen moet je Europa grondig veranderen, én omgekeerd: door ervoor te gaan die broekriempolitiek te stoppen, mobiliseer je krachten voor die Europese kentering.  Zo kan in de plaats van het Europa van de concurrentie het Europa van de solidariteit en de samenwerking komen. Bondgenoten voor die oplossing kan Alexis Tsipras vooral vinden bij de sociale bewegingen, de arbeidersbeweging, de burgerbewegingen en politiek links in de Europese lidstaten.

In de weken na 25 januari ging hij aankloppen in verschillende Europese hoofdsteden. Maar die maakten hem meteen duidelijk dat hij op hen niet moest rekenen om een helpende hand te reiken. De Frankfurter Allemeine Zeitung schreef nauwelijks drie dagen na de kiesoverwinning van Syriza: ‘De Duitse regering en de Europese Commissie hebben de nieuwe Griekse regering opgeroepen zich te houden aan de verplichtingen die tussen de eurostaten zijn afgesproken. Alleen zo zouden die in staat zijn “verdere hulp, die in het vooruitzicht is gesteld, te leveren”, zei vicekanselier Sigmar Gabriel (SPD) in Berlijn. Daarmee dreigde de vicekanselier indirect met het intrekken van verdere hulp voor het door crisis geteisterde land. (…) Het nakomen van de afspraken is de strikte voorwaarde voor hulp van de EU-lidstaten of van de Europese Centrale Bank. “De speelruimte is heel, heel smal,” zei Gabriel. Dat Griekenland zijn verbintenissen zou kunnen loslaten, sloot hij de facto uit: “Ik kan me niet voorstellen dat we over schuldkwijtschelding gaan praten.”’ Daarmee stond de positie van Berlijn, en tegelijk van de Duitse sociaaldemocraten vast.

Niet zo bot als Gabriel, maar uiteindelijk ook klaar en duidelijk spraken de Franse president François Hollande en de Italiaanse minister-president Matteo Renzi zich uit. Ook bij hen maakte Alexis Tsipras weinige dagen na de 25e januari al zijn opwachting, maar hij moest met lege handen naar Athene terugvliegen. Nochtans hebben mensen als Hollande en Renzi het over ‘hervormingen in Europa’ en over ‘een sociaal Europa’. Maar nu zwegen ze.

Geïsoleerd

Wat Gabriel zei in Berlijn, accordeerde met de officiële doctrine van de Europese Unie. Zelfs over kleine verminderingen van de besparingsmaatregelen valt niet te praten. De voorstellen van Athene botsen op de starre afwijzing van de elite uit de bankwereld en de Europese politieke machtscentra. Liever nog jaagt men Griekenland naar de rand van het failliet, in de hoop de Syriza-regering ten val te brengen.

In de eurogroep, met de financieministers van de 19 Europese lidstaten die de euro als munt hebben, staat de Griekse regering alleen. Duitsland slaagde er zonder veel moeite in de overige lidstaten tegen de Grieken in stelling te brengen en tegelijk de indruk te wekken dat het niet eens de scherpste criticaster van Athene zou zijn. Graag liet men stemmen uit Oost Europa horen: dat ze ginds niet langer bereid waren een Grieks minimumloon te dulden dat ver boven hun eigen minimumloon uitsteeg.

De Frankfurter Allgemeine Zeitung berichtte op 28 februari 2015: ‘Arme landen als Slowakije, Slovenië en Tsjechië willen niet meer voor Athene klaarstaan. Want zelf hebben ze nog minder geld.’ Ook Spanje en Portugal werden mee aan boord getrokken. De conservatieve regeringen in Madrid en Lissabon worden door links belaagd en zijn helemaal niet geïnteresseerd in een succes van de Syriza-regering. Ook Italië koos  voor het besparingskamp. De hoofdeconoom van de Italiaanse bankengroep Unicredit, Erik Nielsen, zei: ‘De strategie van de Griekse regering om Duitsland te isoleren en een meerderheid van andere landen ertoe te brengen een nieuwe krediettranche toe te kennen in ruil voor vage beloftes en zonder een sluitend plan, is grandioos mislukt.’

Omdat ze helemaal alleen staat in de eurogroep, heeft de Griekse regering haast geen handelingsruimte. Het lijkt een kwestie van tijd vooraleer ze moet ingaan op de dictaten van Brussel en Berlijn. Op 20 februari 2015 raakte ze al in moeilijkheden. Toen werd de afspraak getekend dat Athene einde april 2015 een uitstaand bedrag uit het lopend hulpprogramma ter hoogte van 7,2 miljard euro zou krijgen mits het verdere hervormingen doorvoert voor de afbouw van sociale voorzieningen. Alexis Tsipras had te accepteren dat de ‘trojka’ – de Europese Commissie, de Europese Centrale Bank en het Internationaal Monetair Fonds – naar Athene terugkeert, zij het onder de nieuwe naam ‘de Instellingen’. En het Memorandum – nu ‘Overeenkomst’ genoemd – bleef voor de komende paar maanden de basis voor het hulpprogramma. Griekenland moest ook slikken dat geen enkele van de privatiseringsmaatregelen uit de vorige jaren kan teruggedraaid worden zonder toestemming van de geldschieters. Voor de Griekse regering, die ook wel wat resultaten haalde uit het akkoord, was het vooral een overbruggingsakkoord waarmee ze tijdelijk wat zou toegeven om het hoofd boven water te kunnen houden.

Op het moment dat ik dit schrijf is het mei 2015, maar er is nog geen nieuw geld naar Athene gevloeid. De uitstaande 7,2 miljard euro blijft geblokkeerd. In de voorbije weken heeft de Griekse regering verschillende nieuwe lijsten met toegezegde hervormingsmaatregelen opgesteld. Maar telkens luidde het antwoord: Dat volstaat niet! De Financial Times noteert einde maart 2015 over een van die lijsten: ‘Met de lijst probeert Athene de bezwaren van de eurozone tegemoet te komen, (…) maar het heeft nagelaten enkele punten die door de Instellingen worden geëist,  erin op te nemen. Daarbij de herziening van het Griekse pensioenstelsel en een grotere flexibiliteit van de arbeidsmarkt.’ Die gotspe moet je je voorstellen: het land dat sinds 2010 meer loonflexibiliteit als welk ander land ook heeft getoond, wordt aangemaand zijn arbeidsmarkt te liberaliseren! Absurder en brutaler kan het niet zijn.

They are unanimous in their hate for me,’ dat citaat van de Amerikaanse president Roosevelt twitterde Grieks financieminister Yanis Varoufakis over de eurogroep. Die eurogroep spuwt volgens de media dan ook zware kritiek op Varoufakis. Hij zou ‘een amateur’ zijn, ‘een gokker’, en ‘iemand die kostbare tijd verprutst’. En een minister klapt uit de biecht: ‘De Griekse minister werd ongenadig hard aangepakt.’ Waarop voorzitter Jeroen Dijsselbloem met het gezicht van een lijkbidder: ‘Ik zal eerlijk zijn: het was een zeer kritische discussie.’

Het Dagblad Trouw meldt: ‘De Griekse minister van Financiën heeft zojuist een verbaal pak slaag gekregen van al zijn ambtgenoten uit de eurozone. Dat was niet voor het eerst, maar de toon bereikte nieuwe niveaus van ergernis tijdens de eurogroepvergadering in de Letse hoofdstad Riga.’ Daarmee wordt openlijk op de man gespeeld en niet op de posities die hij inneemt. Het is de manier voor de eurogroep om Varoufakis ijskoud naar de deur te manoeuvreren. Onze financieminister Johan Van Overtveldt deed zijn duit in het zakje met de hautaine mededeling op radio 1 dat ‘Varoufakis te weinig politieke ervaring heeft’.

In de mangel van het IMF en de ECB

STEPHFF_greece-crisis_0Met aanvankelijk meer hoop keek Athene richting het IMF. Had dat IMF eind 2013 niet toegegeven dat het met zijn beleid inzake Griekenland mislukt was? Maar ook die hoop was ijdel. Van die zelfkritiek is onder de nieuwe chef Christine Lagarde niet veel overgebleven. Een uitstel van betaling voor het met failliet bedreigde Griekenland boorde ze in de grond als ‘een heilloze weg. Het IMF functioneert op basis van regels die voor iedereen gelden. Het verdient geen aanbeveling die regels te breken.’  Lagarde riep de Griekse regering op ‘aan het werk’ te gaan. Yanis Varoufakis repliceerde: ‘We tekenen niet voor doelen waarvan we weten dat onze economie die niet aankan en die moeten worden bereikt met beleid dat onze partners niet zouden moeten willen opleggen.’

Ook de Europese Centrale Bank (ECB) toont zich onvermurwbaar. Sinds 11 februari 2015 kunnen de Griekse banken behalve via een noodprocedure geen vers geld meer bij haar opnemen omdat ze Griekse staatsleningen en door de staat gegarandeerde bankleningen niet meer als borg accepteert. De centrale bank nam dat besluit omdat de Griekse regering te dwingen zich aan de voorwaarden en eisen van de trojka – nu ‘de Instellingen’ – te houden. De ECB heeft er daarom ook alles aan gedaan om het land financieel te wurgen. Elk plan van de Griekse regering om snel geld te vinden – zoals de uitgifte van kortlopende obligaties – werd geweigerd. Met het verbod aan Griekse banken nog Griekse schatkistpapieren te kopen, verspert de Europese Centrale Bank voor de Griekse regering een belangrijke toegang tot de dringend nodige financies. Liquide is Athene vandaag alleen nog dankzij noodkredieten (Emergency Liquidity Assistance, ELA). Het kredietplafond daarvan bedraagt 74 miljard euro. Over een aanvulling moet telkens… de ECB beslissen.

Bovendien mocht Griekenland niet mee profiteren van de geldpers die de ECB laat draaien, wat de andere landen uit de eurozone meer dan duizend miljard euro zal opleveren. En terwijl Griekenland wel twee miljard moet terugbetalen aan het IMF, weigerde de ECB om de 1,9 miljard euro winst op Griekse aandelen terug te betalen.

Sinds midden maart heeft de centrale bank het net van controles op Griekenland verder aangetrokken. De kredieten moeten nu wekelijks, en niet meer tweewekelijks bevestigd worden. Terecht heeft Alexis Tsipras gezegd dat de Europese Centrale Bank ‘de strop heeft gelegd om de Griekse hals’.

De weigering van de schuldeisers om over een schuldkwijtschelding en schuldherschikking nog maar te praten, bezorgt Athene nog meer narigheid. Dat was een van de belangrijkste doelstellingen van Syriza in de kiescampagne, maar daarover blijft het oorverdovend stil. ‘Er is heel weinig steun in Europa om nog meer schulden weg te strepen,’ zei de voorzitter van de eurogroep Jeroen Dijsselbloem. ‘Het belangrijkste is dat als je in de eurozone zit, je je aan de regels moet houden.’

De grote voordenker van het neoliberalisme Friedrich A. von Hayek stond zo’n supranationaal regime voor ogen toen hij nadacht over het bestendig uitschakelen van uit verkiezingen voortkomende onzekerheden bij het kapitalistische productieproces.

Meer dan alleen maar scenario a of scenario b

Leider Tasos Koronakis van Syriza schrijft half mei 2015 in een Oproep tot mobilisatie en solidariteit aan de organisaties, partijen en burgers van Europa: ‘De schuldeisers doen werkelijk alles om de Griekse regering te dwingen de besparingspolitiek te volgen, al is die door het Griekse volk weggestemd. Dat de Europese instellingen onze financiële middelen georkestreerd afknijpen, brengt het land in een kritieke toestand.’ De regering behelpt zich door geld uit staatsbedrijven en gemeentes weg te trekken. Maar ze nadert het ogenblik waarop ze niet meer in staat zal zijn uitstaande leningen te betalen. De schuldeisers rekenen erop dat Athene op dat ogenblik al hun eisen zal moeten inwilligen omdat, zo is de redenering, een staatsbankroet dan nog alleen met een nieuw hulpprogramma kan afgewend worden.

Die eisen van de schuldeisers zijn: het loslaten van de beschermingsvoorschriften op de arbeidsmarkt, de verhoging van de btw, de verlaging van de pensioenen, het vastleggen van een jaarlijks begrotingsoverschot om daarmee de schulden te betalen. Zo gebruiken de schuldeisers de schulden verder als hefboom om de duimschroeven aan te draaien en de sociale afbouw almaar verder te drijven. Tot de linkse regering de witte vlag moet hijsen op de Akropolis en haar belofte van een kentering moet laten varen. Voor Griekenland betekent dat: groeiende armoede, grotere rechteloosheid voor de werknemers, verder stijgende werkloosheid en meer arbeidsemigratie.

Maar misschien zal de Griekse regering er toch in kunnen slagen een of ander compromis uit de brand te slepen. Dat hangt af van ‘de mobilisatie en solidariteit’ waar Tasos Koronakis voor oproept.

Ook een ‘scenario b’ – de Grexit uit het eurosysteem of uit de EU – is mogelijk. De Duitse Financieminister Wolfgang Schäuble lanceerde het woordje ‘Graccident’. Om daarmee de Grieken af te schrikken voor de gevolgen van een Grexit en ze zo ‘tot de orde te roepen’, of om inderdaad daarop aan te sturen? Maar ook in de rijen van Syriza en de Griekse regering wordt met het scenario van zo’n uitstap rekening gehouden.  En dat het Europese establishment alles rigide wil herleiden tot het dilemma waarmee het Athene voor het blok wil plaatsen – de dictaten van scenario a of de Grexit van scenario b – , wil daarom nog niet zeggen dat er geen andere scenario’s en pistes mogelijk zouden zijn.

Griekenland wil tot een eerbaar akkoord komen. Het heeft geprobeerd daarvoor tijd te winnen, wat ademruimte te krijgen en betere krachtsverhoudingen op te bouwen in Europa en binnen Griekenland.

De solidariteit: conditio sine qua non

Maar alle scenario’s vallen of staan bij wat in dit nawoord als voorwaarde voor de ‘broodnodige kentering’ werd aangestipt: er is op de eerste plaats een Griekse, maar ook een transnationaal vervlochten mobilisatie en solidariteit nodig om de Griekse bevolking en regering niet alleen te laten staan. Het gaat erom de financiële strop, waarmee de internationale schuldeisers de Griekse economie wurgen, af te schudden zodat aansluitend een programma van wederopbouw op gang kan komen dat vertrekt van de binnenlandse vraag. Misschien is het goed dit nawoord te eindigen met stuk uit en het artikel van Wouter Hillaert en mezelf over de korte maar leerrijke geschiedenis van de burgerbeweging Hart boven Hard. We lezen:

‘We willen een nieuw Europees project op het spoor helpen zetten dat iedereen recht doet en zijn waardigheid teruggeeft. Fiscale rechtvaardigheid, ecologische transitie, het in handen nemen van de strategische sectoren van de economie, het verdedigen van de publieke voorzieningen, het stimuleren van banen door sociale en ecologische investeringen, het beschermen van de kmo’s, dat allemaal ter sprake brengen zou veertig  jaar geleden doodnormaal zijn geweest. Maar vandaag lijkt zo’n programma wel een doldrieste uitdaging aan de financiële machten en het establishment. We beseffen dat we – hoe bescheiden onze hartenwensen ook zijn, en hoe groot ook de consensus erover in onze samenleving – met die hartenwensen de confrontatie aangaan met een kleine machtige minderheid: de partij van Merkel en Juncker, van Frankfurt en de Londense City. Wij willen een andere wind doen waaien. We willen dat niemand ’s winters het hoofd moet buigen omdat hij zijn energiefactuur niet kan betalen. We willen dat geen enkele bank gezinnen zo maar op straat kan zetten. We willen dat iedereen werkbaar werk heeft, met een eerbaar loon en goede werkomstandigheden, en dat niemand aan stress ten onder gaat. We willen dat de overheid zich engageert de CO2-uitstoot drastisch af te bouwen. We willen dat niemand gediscrimineerd wordt omwille van zijn voornaam, zijn godsdienstige overtuiging, seksuele voorkeur of geslacht. In één woord: dat de samenleving in staat is te voorzien in de basisbehoeften – de materiële en de immateriële – die waardigheid en geluk mogelijk maken.’

Hugo Franssen, 15 mei 2015

mede-initiatiefnemer van burgerbeweging Hart boven Hard en oud-uitgever van EPO